woensdag 29 december 2010

Scott Pilgrim vs. The World Rocks!

De film Scott Pilgrim vs. The World is gebaseerd op een (fantastische) Canadese stripreeks, en is een waanzinnige mix van humor, actie, popcultuurverwijzingen, een overvloed aan special-effects, goeie muziek, en natuurlijk ook wel wat romantiek. Bovendien mag hij sinds kort bij het lijstje “Sam's Absolute Favourites” gerekend worden.


Scott is een 23 jarige, ietwat snullige jongen uit het Canadese Toronto. Om een zware break-up te verwerken, begint hij een relatie met het 17-jarige Chinese schoolmeisje Knives Chau. Maar al gauw wordt Scott stapelverliefd op Ramona Flowers. Ramona is the new girl in town, een Amerikaanse die New York is ontvlucht om niet meer met haar eigen liefdesverleden geconfronteerd te worden…

Een doordeweeks liefdesdrama, hoogstens een 13-in-een-dozijn romantische komedie, hoor ik je al denken..

Scott nodigt Ramona uit om een optreden van zijn band bij te wonen. Tijdens het openingsnummer komt er echter een jongeman door het dak van de club vliegen, om vervolgens midden op de dansvloer neer te strijken, en Scott uit te dagen tot een gevecht op leven en dood. U leest het goed hoor. Het gaat om Matthew Patel, de eerste van Ramona’s zeven kwaadaardige exen. Wil Scott Ramona echt voor zich winnen, zal hij ze alle zeven moeten verslaan.

Deze film is dus best wel wat raar, en waarschijnlijk lang niet voor iedereen weggelegd. Ikzelf ben er echter helemaal weg van, en hieronder kan je een paar redenen vinden waarom juist!


De film is, naar mijn mening, uitstekend gecast. De rol van Scott is Micheal Cera op het lijf geschreven. De jongen heeft ocharme nooit een rol gehad anders dan die van snullige, onzekere tiener/twintiger, en heeft dus ervaring genoeg om dat stereotype voor de zoveelste keer neer te zetten. Kieran Culkin (broer van Macaulay btw) speelt de rol van Scott’s homo-huisgenoot subliem, en zet wat mij betreft het beste personage uit de film neer. Ook de rest van Scott’s vrienden (en vijanden) doen hun werk uitstekend, en zorgen ook allemaal op hun manier voor een humoristische noot. Het ene personage waar ik persoonlijk een probleempje mee heb, is Ramona (Mary Elizabeth Winstead). Hoewel het hele verhaal draait om het feit dat Scott voor haar moet vechten, lijkt ze dat vaak gewoon niet waard. Film-Ramona heeft blijkbaar alle slechte en geen één goede eigenschap van comicbook-Ramona overgenomen. Ze is sarcastisch, wispelturig, en gedraagt zich soms als een echte bitch...maar ze heeft wel mooie ogen! 

De unieke visuele stijl is soms compleet over the top, maar charmeert in zijn overdrijvingen. Soms heb je het gevoel echt naar een levend stripverhaal te zitten kijken. De woorden “RING RING” komen uit de hoorns van telefoons gesprongen, een slag in het gezicht wordt vergezeld door een welgemeende “POW”, en wanneer Scott zijn grote liefde kust, springen kleine hartjes als gensters van het scherm. In elke scene ontdek je wel iets speciaals. Hoe bij een eenzaam moment het beeld verder en verder weg lijkt te zakken. Hoe bij een ruzie de kamer donkerder en donkerder wordt. Hoe bij de woorden “everything just seems brighter when I’m with you” de straatlampen écht wel feller gaan branden..


Ook de muziek is volledig mijn smaak. Op de soundtrack zijn nummers als "It's Getting Boring by the Sea"  van Blood Red Shoes, en "By Your Side" van Beachwood Sparks te vinden, en de nummers van Scott’s band “The Sex Bob-omb” werden gecomponeerd door Beck. Persoonlijk ben ik helemaal weg van de stijl van the Sex Bob-omb, en ze hebben dan ook totaal niet het effect op me dat Scott blijkbaar tracht te bereiken wanneer hij voor zijn optreden de woorden “We are the Sex Bob-omb, and we’re here to make you sad and think about death and stuff!” uitschreewt. Ontdek gerust of ze ook bij jou in de smaak vallen, door hier, hier of hier te klikken..

Ten slotte is er nog het verhaal zelf. Een jongen die moet vechten tegen de exen die het liefdesleven van zijn nieuwe vriendin blijven controleren. Alhoewel het hier letterlijk gebeurt, kan je toch echt wel niet om de symboliek heen. Afrekenen met bagage uit het verleden, en beter willen zijn dan de vorige (en die af en toe ook wel eens, al dan niet bewust, een goeie saflet willen verkopen), dat kennen we toch allemaal, niet?  

zaterdag 25 december 2010

Klassiek is niet altijd oubollig!

Vaak wordt er over klassieke muziek gedaan als zijnde het voer voor de oren van mensen die zich niet zo heel erg jong meer voelen, of in het beste geval nog nooit van andere muziek gehoord hebben. Als je iemand vraagt hoe het prototype van een klassieke luisteraar er zou uit zien, zullen de meeste wel een persoon in gedachten hebben waar, om het wat respectloos te verwoorden, het beste wel wat van af is. We hoeven het hier ook niet te ontkennen: als je tegen iemand verteld dat één van je favoriete artiesten in 1756 in Salzburg geboren is, kom je niet altijd even hip over. En dus waag ik mij in dit blogbericht in wat door velen beschouwd wordt als very nerdy territory.

Natuurlijk heeft klassieke muziek zijn naam niet echt mee. Het betekent al letterlijk muziek uit het verleden. Gewoon door het zo te noemen en uit te spreken, geef je al toe dat het niet meer van deze tijd is, maar dat is muziek uit de 70's 80's of zelf 90's (wat worden we toch oud) ook niet. Toch ligt dat nog anders. Misschien omdat je bij klassiek meteen weer herinneringen opborrelen aan veel te saaie lessen esthetica of muzikale opvoeding. Aan het veel te grijze imago van klassiek mag echter best wel wat gedaan worden. Dat vind deze blogger toch, en daarom denk ik eraan om hier geregeld een link naar een klassiek stuk te posten -al dan niet met wat (potentieel) leuke weetjes of achtergrondinfo- om zo te proberen aantonen dat die "oude" muziek ook vandaag nog gesmaakt kan worden.

Trouwens hoeft klassieke muziek niet altijd uit het verleden te komen. Je zou de soundtracks van veel topfilms van nu zelfs hedendaags klassiek kunnen noemen. Men gebruikt nog vaak dezelfde instrumenten en orkestsamenstelling als men bij "oude" klassieke muziek deed. En ook vandaag worden er nog orkestrale stukken geschreven die niet enkel het doel hebben wat sfeer of suspens aan een beeldend verhaal toe te voegen. En dat hoeft dan niet enkel door nichecomposisten te zijn, die enkel in het genre gekend zijn. 

Neem nu Danny Elfman, ons allen wel bekend van de intro van "The Simpsons", en door zijn veelvuldige samenwerkingen met regisseur Tim Burton (Corpse Bride, Batman, Sleepy Hollow, Alice in Wonderland, ..). Elfman is zonder twijfel mijn favoriete filmcomponist, en in 2004 heeft hij zijn witte doek-composities even gelaten voor wat ze waren, en begon hij een orkestraal werk te schrijven. Uiteindelijk heeft dat een stuk van ruim 40 minuten en zes bewegingen opgeleverd, onder de naam Serenada Schizophrana. Het is klassiek, maar het is ook typisch Elfman. En dat is, naar mijn mening, een prachtige combinatie.

Graag zou ik in dit bericht ook nog een tweede componist introduceren. Henryk Górecki was een Pools componist die ook een paar beeldschone stukken heeft neergepend. Ik zeg was, want spijtig genoeg is hij nog niet zo lang geleden, op de twaalfde november van dit jaar, overleden. Hij verdient het echter wel even in de kijker geplaatst te worden. Górecki bracht een heel andere stijl dan Elfman, wat wel te verwachten is. Wat meer ingetogener en sacraler. Zijn beroemdste (doch ook niet zo heel erg bekende) werk, is zijn derde symfonie: "Symfonia pieśni żałosnych", of "Symfonie der Treurliederen". Voor het tweede deel van de symfonie haalde Górecki inspiratie uit de woorden van een gebed, dat een jonge vrouw op de muur van een Gestapo-cel schreef tijdens de tweede wereldoorlog. De soprane die de zang verzorgt, zingt die boodschap ook letterlijk, wat een hele nieuwe dimensie aan het stuk toevoegt. In de video speelt een orkest het stuk tussen de ruïnes van het vroegere vernietigingskamp Auschwitz. Ik wil er wel nog even bij vermelden dat het meisje van de tekst, niet hier gevangen zat, maar in de Zuid-Poolse stad Zakopane.  

donderdag 16 december 2010

Zelfs de ideale man is niet perfect


Hij is misschien al even uit, maar ik wil toch nog even iets kwijt over de nieuwe langspeler van onzen Bart (geen familie trouwens, ik zeg dat maar om cool te doen).

Vanaf zijn solo-debuut "Het Plaatje van Bart Peeters" ben ik best wel fan van de heer Peeters. Zijn talent om met zowat alle stijlen ter wereld wel iets leuks in elkaar te flansen, maakt dat hij nooit gaat vervelen, en ook zijn stijl van liedjesschrijven heeft vaak iets grappigs en onschuldigs.

Nu ligt dus zijn vierde plaat in de winkel. De ideale man heet hij. Bij deze bestaat hij dus. 

Een afzonderlijke bespreking van alle nummers zou me wat te ver leiden, dus heb ik ervoor gekozen om enkel de hoogte- en laagtepunten te bespreken. Alle categorieën worden natuurlijk volledig subjectief toegewezen door ondergetekende. En waar ik kan zal ik een link naar de nummers zelf erbij plaatsen. Altijd interessant om niet op het oordeel van één iemand te moeten afgaan. 

The Good:

Nummer drie: "In de Plooi". Voor mij een vroeg hoogtepunt. Het arrangement kan zo tussen de nummers uit "Slimmer dan de Zanger". Een mooie boodschap ook deze: geen zorgen maken, gewoon doen, alles komt sowieso ooit wel op zijn pootjes terecht. Een feel-good nummer zonder die "in your face" eigenschap. Ik kan het erg appreciëren. 

"Vervaldag" (fragment) en "De Ondoordringbaarheid van Mortsel" Zet ik hier samen. Twee nummers die de liefde als grootste inspiratie aanhalen. In het eerste probeert Bart een nieuwe start te versieren bij haar die nog steeds rondloopt "over de catwalk in zijn hoofd". Goeie tekst, en de begeleiding van piano en strijkers geven hier ook wel een meerwaarde. Het laatstgenoemde nummer is één grote metafoor -wat het zelf ook toegeeft naar het einde toe- over iemand die te ontoegankelijk is om graag gezien te worden. Heel leuk gevonden, en daarom krijgt het van mij wat punten bij. Spijtig genoeg bestaan er blijkbaar enkel clips op het web die het (wat mij betreft) beste nummer op het album niet echt tot zijn recht laten komen, en links naar de tekst ervan vond ik ook al niet..

"Een winnaar is veel mooier". Weer een leuke tekst en zeer aanstekelijke melodie. Hier word je gewoon goed gezind van!

The Bad:

"Een echte vrouw" is een cover van Alicia Keys' "A Woman's Worth" (kort fragment) die wel mooi geprobeerd is, maar ik wil nu eenmaal enkel de stem van juffrouw Keys op die melodie horen. Overigens wel een aanrader volgens de recensent van De Morgen, dus dat smaken verschillen is nogmaals bewezen.

"Matongé" (kort fragment) gaat de Afrikaanse toer op, met franstalige backing-vocals. Bart meet zichzelf ook een licht Afrikaans accent aan. Telkens ik de eerste noten van de intro hoor, vliegt mijn vinger automatisch naar de ">>" knop van mijn radio. Ik heb het één keer helemaal beluisterd. Een stunt die ik liever nooit meer herhaal.

Ten slotte een speciale vermelding voor het tweede nummer. "Zelden of Nooit" is absoluut geen slecht nummer, maar ik krijg kriebels van de schijnbaar heel erg gehaaste en geforceerd gerijmde tekst. Je kan je het al voorstellen; Bart zit in de keuken met een fameuze writers block, in een vlaag van overmoed is de studio al voor morgenochtend geboekt. Wanhopig zoekt hij nog dat beetje inspiratie om het laatste nummer te voltooien. Zijn ogen schieten de keuken rond, waar zijn vrouw de vaatwas aan het inladen is. En dan schrijft  hij: "Je hebt de gratie, de stijl en de klasse, dat kan je zo zien. En we hoeven niet eens af te wassen, dat doet het masjien". Nice one, Peeters.

The Ugly?

Dat was 'em dan, mijn korte bespreking van "De Ideale Man". Hoewel het hier lijkt alsof de goede en minder goede nummers perfect in evenwicht zijn, is hier natuurlijk niet heel de plaat besproken. Voor mij helt de totale balans zeker wel naar het positieve over en is de cd -zeker voor een Bart Peeters-fan- wel een aankoop waard. Met perfect of ideaal kun je hem echter -net zoals de auteur van deze bespreking btw- niet beschrijven. Zelf heb ik trouwens de versie gekocht mét live cd. Voor enkele euro's meer krijg je wel veel meer waard voor je geld, met live versies van onder andere "Onzen Blacky", "Poolijs" en een ge-wel-dige cover van Bob Dylan's "Make You Feel My Love". In het zeer onwaarschijnlijke geval dat ooit iemand tot aankoop beslist op basis van dit stukje; ga op zoek naar het kartonnen doosje mét de bonusdisc!

vrijdag 10 december 2010

Muse’s Musings

Een liedje valt niet zomaar uit de lucht. Elke songwriter heeft zijn eigen muze, en elke groep haalt wel ergens hun inspiratie vandaan. Het leek me een leuk idee om in deze, en waarschijnlijk ook nog verdere bijdragen, na te gaan waar de roots van een bepaald nummer liggen, en daar wat dieper op in te gaan. Even letterlijk naar inspiratie zoeken, zeg maar.

Wie me een beetje kent, weet dat ik een groot Muse-fan ben, en het is dan ook niet verwonderlijk dat een compositie van dit Britse trio deze reeks op gang mag trekken. Laten we er ook maar meteen goed invliegen, en in het meervoud en het ingewikkeld beginnen.  De laatste drie nummers van het laatste Muse-album, The Resistance, vormen samen de Exogenesis Symphony, een klassiek-geïnspireerd stuk door Matt Bellamy zelf gecomponeerd. Het vertelt het verhaal van een mensheid op haar laatste krachten. De aarde is niet langer leefbaar, en de laatste hoop bestaat erin astronauten het heelal in te sturen, op zoek naar een nieuwe planeet waarop de beschaving kan verdergezet worden. Er wordt in de ouverture onder meer de vraag gesteld wie we juist zijn, waar we zijn, en waarom juist. Zoals de titel van de symfonie al doet vermoeden, was Matt ten tijde van het schrijven erg geïntrigeerd door de theorie van Exogenese. Maar dat is nu niet echt een standaard huiskamerbegrip, en het leek me dan ook wel interessant om me voor dit berichtje daar wat in te gaan verdiepen.

Exogenese is een theorie die kadert binnen de zoektocht die de wetenschap al ettelijke eeuwen bezighoudt, namelijk die naar het ontstaan van het leven. Hoewel de evolutie van het leven op aarde met het Darwinisme in een relatief definitieve plooi werd gelegd, is dit voor het eigenlijke ontstaan ervan, nog niet helemaal het geval. De wetenschap heeft nog steeds geen sluitende verklaring weten te vinden voor het ontstaan van leven op deze planeet. Eén hypothese hierrond, is deze van exogenese, en, wat ruimer, die van panspermie.


Exogenese, letterlijk, “ontstaan hierbuiten”, poneert de mogelijkheid dat het leven elders in het heelal ontstaan is,en vervolgens naar onze planeet werd gebracht door bijvoorbeeld het inslaan van kometen op het aardoppervlak. Volgens de, nog veel ruimere, theorie van de panspermie, waarbinnen het idee van exogenese kadert, is het immers mogelijk dat leven kan overleven in de ruimte, en zou het dus plausibel zijn dat de eerste vormen van leven op onze planeet zijn gekomen door “ruimtelijke besmetting”, en sindsdien hun eigen evolutie hebben doorgemaakt.

Hoewel de theorie vergezocht lijkt, en niet zo algemeen aanvaard is als meer conventionele verklaringen, is het niet zo dat het hier gaat om een wild verzinsel. Panspermie is reeds vaak het onderwerp van onderzoek geweest, maar men heeft de theorie nog nooit met absolute zekerheid kunnen aannemen of verwerpen. Ook enkele belangrijke wetenschappers zijn aanhangers van deze zienswijze. Zo heeft Stephen Hawking de theorie zijn steun verleent tijdens zijn voordracht naar aanleiding van het 50-jarige bestaan van NASA.
Hoewel panspermie een oude theorie is, zijn er pas in de laat-20e eeuw voor het eerst mogelijke bewijzen gevonden voor het overleven van levensvormen in de ruimte. Twee wetenschappers slaagde er toen in kleine sporen van organisch materiaal in de ruimte terug te vinden, tijdens hun analyse van het licht afkomstig van sterren.

In 1996 leefde theorie opnieuw op, toen NASA te kennen gaf een meteoriet op mars gevonden te hebben waarin overblijfselen van organisch materiaal, en zelfs kleine bacteriële fossielen bewaard waren gebleven. Of dit een onomstotelijk bewijs oplevert voor het overleven van levensvormen in de ruimte, is tot op de dag van vandaag echter een groot discussiepunt.

Toch heeft het onderzoek naar de mogelijkheid van exogenese en panspermie, na de ontdekking van de meteoriet een grote boost gekregen. Recente experimenten hebben nu aangetoond dat bepaalde bacteriën inderdaad een ruimtereis zouden kunnen overleven. Een opmerkelijk voorbeeld hiervan is de bacteriële vondst op de moonrover.  tijdens de Apollo-maanreizen werd een maanbuggy enkele jaren op de maan gestationeerd om gebruikt te worden door de astronauten. Onderzoek op deze buggy heeft aangetoond dat, na jaren aan het vacuüm van de maanatmosfeer te zijn blootgesteld, enkele bacteriën nog steeds wisten te overleven.


Ik heb hier natuurlijk enkel een paar mogelijke bewijzen behandeld, maar er is natuurlijk ook een reden waarom deze theorie niet door alle vooraanstaande wetenschappers wordt aangehangen. Voor elk argument voor, is er wel één tegen. Zo gaat dat wel eens met gewichtige zaken. Er zijn natuurlijk nog andere stromingen die elk op hun beurt een verklaring proberen te geven voor het ontstaan van het leven, en de hier besproken zienswijzen gaan natuurlijk nog veel verder dan wat ik in dit bericht kan schrijven, maar ik hou het hier bij een kleine introductie tot het begrip. Deze post moet natuurlijk leesbaar blijven, en, eerlijk gezegd, mijn kennis over de materie in kwestie reikt dikwijls ook gewoon niet ver genoeg om er nog veel dieper op in te kunnen gaan. Persoonlijk vind ik de astrofysicus (of wie houdt zich met zo’n zaken bezig) in mezelf iets te beperkt om uitspraken te doen over realistische mogelijkheden, of om voor één bepaalde theorie te kiezen. Exogenese en panspermie vind ik vooral aantrekkelijke hypothesen, omdat deze ook per definitie inhouden dat er elders in het heelal nog leven moet bestaan (hoewel dit zo ook al een zekerheid is), waar we uiteindelijk ook zaken gemeen mee moeten hebben, of zelfs zouden kunnen van afstammen. Misschien zijn onze vroegste voorouders dan uiteindelijk Star Wars-gewijs a long time ago, in a galaxy far, far away ontstaan.   Anderzijds denk je dan ook meteen “maar waar komen die dan weer vandaan?” en wordt het natuurlijk een straatje zonder eind..

Stel gerust je eigen wilde theorieen voor in de comments-sectie!

maandag 6 december 2010

Soms is een goeie inspanning de beste ontspanning

Deze zomer heb ik de eer en het genoegen gehad om met een goede en oude (in anciënniteit, niet in leeftijd) vriend enkele dagen door het Britse platteland te trekken. Na een hoge-snelheidstreinrit onder het kanaal zouden we in twee-en halve dag de tocht Dover-Canterbury-Dover trachten te maken. Helemaal gelukt is dat niet. Maar daar ging het ook niet echt om. We hadden ons van in het begin voorgenomen om geen doelen te stellen, en, hoewel de tocht zelf wel uitgestippeld was, stond de beleving voorop, en niet de prestatie.

Het was de eerste keer dat ik dergelijk avontuur ondernam. Hoewel het altijd al wel op mijn verlanglijstje had gestaan, was het er nog nooit van gekomen. Het ging weliswaar maar om een korte tweedaagse trip, maar het is toch een ervaring geworden die kon tellen. Het rondtrekken door Engelse bossen en velden heeft iets heel rustgevend. Dat een plek om te eten en te slapen vinden, vrijwel de enige bekommernis is op zo'n dagen, draagt daar zeker toe bij. 

Tussen Dover en Canterbury kom je op de North Downs Way -zo heette het wandelpad- een handvol dorpjes tegen. Nuja, dorpjes; een kleine verzameling huizen, waar vaak geen spoor van leven in of rond te bekennen valt. Dikwijls moet je door meerdere van zo'n mini-nederzettingen trekken voor je één winkeltje vind met etenswaar, laat staan een gelegenheid om "warm" te eten. Ik kan je zeggen dat, wanneer je enkele uren hebt gestapt met pijnlijke schouders, voeten die aan rust toe zijn, en een maag die stilaan toch om voedsel begint te schreeuwen, je niet wil toekomen in -bijvoorbeeld- een hoopje huizen genaamd Shepherds Well, enkel maar om te ontdekken dat er, buiten voorgenoemde huizen, enkel nog een kerkhof en een gesloten herberg te vinden is, en er dus niets anders opzit dan terug de weiden in te trekken op zoek naar het volgende boerengat, letterlijk mijlenver daarvandaan.

Het lijkt nu alsof we enkel gezwoegd en afgezien hebben. Soms was dat er inderdaad bij, maar de eerlijkheid gebied me te zeggen dat de vorige alinea het veel dramatischer voorstelt dan het eigenlijk was. Voor mij was het meestal gewoon genieten. De wetenschap dat je even aan niks verbonden bent, doet je voor alles je tijd nemen. Kom je een mooi landschap voorbij, sta je er even bij stil. Ben je het stappen even te moe, vind je dicht in de buurt meestal wel een mooi plekje om gedurende vijf minuten de benen wat te laten rusten. Geen strikte tijdschema's dus, geen geplande activiteiten, geen gehaast om terug op een hotel aan te komen voor  de half pension-avondeten-deadline overschreden is. Lichamelijk is een trektocht best vermoeiend, en je slaapt dan ook, mits gevrijwaard van nachtelijk bezoek, beter in je kleine tentje dan je ooit in een hotelkamer hebt gedaan. Mentaal is het echter ongelofelijk bevrijdend.

Versta me vooral niet verkeerd, ik kan nog steeds heel erg genieten van de luxe van een warm en zacht hotelbed. Ik eet met veel plezier alle gastronomische lekkerheid die een ober me voorschotelt, en ik wil nog vaak op reis zonder het gevaar van blaren op de voeten, in het niets verdwijnende wandelpaden, en onverwachte bezoeken van door tent geïntrigeerd plaatselijk vee. Ik hoop echter ook geregeld nog eens de mogelijkheid te hebben om, zonder planning of stress, en in goed gezelschap, een land te ontdekken zoals de meerderheid van de toeristen dat nooit zal doen. En dat er dan wat kilometers -of miles- moeten doorgemalen worden eer de maag gevuld kan worden, dat je af en toe eens goed wat regen op je hoofd krijgt, dat je rug, schouders en voeten je na een tijdje laten weten dat het voor hen wel stilaan mag ophouden, of dat er af en toe gewoon eens iets niet loopt zoals je  verwacht had, dat maakt dan eigenlijk helemaal niks uit. Sterker nog, met een beetje onvoorspelbaarheid -of onvoorzienbaarheid- is dan niets mis, het draagt zelfs bij tot de unieke beleving, en het avonturengehalte van dergelijke trips.

Twee hele leuke, en gezond vermoeiende dagen waren het dus, met, in abstractie, maar twee zaken aan je hoofd: ik moet vandaag nog iets eten, en ik moet nog ergens een geschikte slaapplaats weten te vinden (en misschien: ik wil de volgende regenbui liefst vermijden). Terugvallen op de oerprioriteiten eigenlijk, en voor de rest helemaal geen zorgen. Na zo'n tocht is het contrast met het gewone leven weer heel erg groot, en  sta je er toch wel eens even bij stil met wat voor massa's onnozelheden je in je dagelijkse leven soms toch allemaal in het hoofd zit. Ik moet eerlijk toegeven, bij mij zijn het er meestal nèt iets teveel..

woensdag 1 december 2010

..Dit is mijn allereerste bericht!

Jawel, ooit moest het er eens van komen: mijn meningen, hersenspinsels, waanideeën, diepste gedachten, levensfilosofieën, existentialistische peinzingen, of wat je het ook allemaal maar kan noemen, vinden vanaf heden hun weg naar het wereldwijde web. Maar verwacht er vooral niet te veel van..

Wat zul je hier te lezen krijgen? Alles wat me op dat moment interesseert, of waar ik toevallig zin in heb om te delen met de wereld. Dat kunnen boek- film- serie- of muziekbesprekingen zijn, zaken die ik kwijt wil, frustraties, of gewoon dikke, dikke zever. Mezelf kennende, verwacht ik eigenlijk toch wel vooral dat laatste. Geen groot allesverbindend thema in deze blog. Geen rode draad. Of hij moest zich vanzelf ergens tussen gaan spinnen. Gewoon mijn mening over alles en nog wat. Wat ook best wel interessant kan zijn!

Ik weet niet wanneer ik berichten zal posten, hoeveel er dat zullen zijn, hoe lang die zullen zijn, en of deze blog binnen de kortste tijd volledig in gang schiet, of een stille dood zal sterven..allemaal spannend dus!

Voila, als inleidend berichtje volstaat dit wel. Het is trouwens praktisch hetzelfde als wat eender wie post als eerste bericht, dus ik heb me bij deze al goed in de grijze massa weten te nestelen..