maandag 6 december 2010

Soms is een goeie inspanning de beste ontspanning

Deze zomer heb ik de eer en het genoegen gehad om met een goede en oude (in anciënniteit, niet in leeftijd) vriend enkele dagen door het Britse platteland te trekken. Na een hoge-snelheidstreinrit onder het kanaal zouden we in twee-en halve dag de tocht Dover-Canterbury-Dover trachten te maken. Helemaal gelukt is dat niet. Maar daar ging het ook niet echt om. We hadden ons van in het begin voorgenomen om geen doelen te stellen, en, hoewel de tocht zelf wel uitgestippeld was, stond de beleving voorop, en niet de prestatie.

Het was de eerste keer dat ik dergelijk avontuur ondernam. Hoewel het altijd al wel op mijn verlanglijstje had gestaan, was het er nog nooit van gekomen. Het ging weliswaar maar om een korte tweedaagse trip, maar het is toch een ervaring geworden die kon tellen. Het rondtrekken door Engelse bossen en velden heeft iets heel rustgevend. Dat een plek om te eten en te slapen vinden, vrijwel de enige bekommernis is op zo'n dagen, draagt daar zeker toe bij. 

Tussen Dover en Canterbury kom je op de North Downs Way -zo heette het wandelpad- een handvol dorpjes tegen. Nuja, dorpjes; een kleine verzameling huizen, waar vaak geen spoor van leven in of rond te bekennen valt. Dikwijls moet je door meerdere van zo'n mini-nederzettingen trekken voor je één winkeltje vind met etenswaar, laat staan een gelegenheid om "warm" te eten. Ik kan je zeggen dat, wanneer je enkele uren hebt gestapt met pijnlijke schouders, voeten die aan rust toe zijn, en een maag die stilaan toch om voedsel begint te schreeuwen, je niet wil toekomen in -bijvoorbeeld- een hoopje huizen genaamd Shepherds Well, enkel maar om te ontdekken dat er, buiten voorgenoemde huizen, enkel nog een kerkhof en een gesloten herberg te vinden is, en er dus niets anders opzit dan terug de weiden in te trekken op zoek naar het volgende boerengat, letterlijk mijlenver daarvandaan.

Het lijkt nu alsof we enkel gezwoegd en afgezien hebben. Soms was dat er inderdaad bij, maar de eerlijkheid gebied me te zeggen dat de vorige alinea het veel dramatischer voorstelt dan het eigenlijk was. Voor mij was het meestal gewoon genieten. De wetenschap dat je even aan niks verbonden bent, doet je voor alles je tijd nemen. Kom je een mooi landschap voorbij, sta je er even bij stil. Ben je het stappen even te moe, vind je dicht in de buurt meestal wel een mooi plekje om gedurende vijf minuten de benen wat te laten rusten. Geen strikte tijdschema's dus, geen geplande activiteiten, geen gehaast om terug op een hotel aan te komen voor  de half pension-avondeten-deadline overschreden is. Lichamelijk is een trektocht best vermoeiend, en je slaapt dan ook, mits gevrijwaard van nachtelijk bezoek, beter in je kleine tentje dan je ooit in een hotelkamer hebt gedaan. Mentaal is het echter ongelofelijk bevrijdend.

Versta me vooral niet verkeerd, ik kan nog steeds heel erg genieten van de luxe van een warm en zacht hotelbed. Ik eet met veel plezier alle gastronomische lekkerheid die een ober me voorschotelt, en ik wil nog vaak op reis zonder het gevaar van blaren op de voeten, in het niets verdwijnende wandelpaden, en onverwachte bezoeken van door tent geïntrigeerd plaatselijk vee. Ik hoop echter ook geregeld nog eens de mogelijkheid te hebben om, zonder planning of stress, en in goed gezelschap, een land te ontdekken zoals de meerderheid van de toeristen dat nooit zal doen. En dat er dan wat kilometers -of miles- moeten doorgemalen worden eer de maag gevuld kan worden, dat je af en toe eens goed wat regen op je hoofd krijgt, dat je rug, schouders en voeten je na een tijdje laten weten dat het voor hen wel stilaan mag ophouden, of dat er af en toe gewoon eens iets niet loopt zoals je  verwacht had, dat maakt dan eigenlijk helemaal niks uit. Sterker nog, met een beetje onvoorspelbaarheid -of onvoorzienbaarheid- is dan niets mis, het draagt zelfs bij tot de unieke beleving, en het avonturengehalte van dergelijke trips.

Twee hele leuke, en gezond vermoeiende dagen waren het dus, met, in abstractie, maar twee zaken aan je hoofd: ik moet vandaag nog iets eten, en ik moet nog ergens een geschikte slaapplaats weten te vinden (en misschien: ik wil de volgende regenbui liefst vermijden). Terugvallen op de oerprioriteiten eigenlijk, en voor de rest helemaal geen zorgen. Na zo'n tocht is het contrast met het gewone leven weer heel erg groot, en  sta je er toch wel eens even bij stil met wat voor massa's onnozelheden je in je dagelijkse leven soms toch allemaal in het hoofd zit. Ik moet eerlijk toegeven, bij mij zijn het er meestal nèt iets teveel..

2 opmerkingen:

  1. Nice post Sam! Je geeft perfect weer waarom ik ook zo'n reis zou doen.

    Zonder hier iets te verklappen... doen we zeker (nog) eens over?!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Bedankt voor de reactie!
    En, inderdaad, wat mij betreft zeker voor herhaling vatbaar ;)

    BeantwoordenVerwijderen